Plafond bepleisteren: waar moet je op letten?
Een plafond bepleisteren is technisch uitdagender dan het afwerken van muren. De zwaartekracht werkt mee, de ergonomie is zwaarder en de eisen aan rechtheid zijn hoog, omdat een plafond altijd in het oog springt.
Waarom is een plafond bepleisteren anders?
Bij muren helpt de ondergrond de pleistermortel te houden terwijl ze droogt. Bij plafonds werkt de zwaartekracht in de tegengestelde richting. Dat vraagt materiaal met de juiste consistentie en een stukadoor met de technische beheersing om de laag correct aan te brengen. Machinaal aangebracht pleisterwerk is ook bij plafonds de meest efficiënte methode.
Aandachtspunten bij plafondpleisterwerk
Hoogte en toegankelijkheid
Plafonds hoger dan 2,70 m vragen stellingwerk. Hoe hoger het plafond, hoe meer voorbereiding en hoe hoger de kostprijs. Bij hellende plafonds (bv. onder een dak) is extra aandacht nodig voor een gelijkmatige laagdikte.
Aansluitingen en hoeken
De aansluiting tussen plafond en muur vraagt nauwkeurig werk. Een scheve hoek is altijd zichtbaar. Strivo werkt met een profielsysteem voor strakke, rechte hoeken.
Leidingen en inbouwspots
Technische leidingen, inbouwspots en ventilatieroosters moeten vóór de start van het pleisterwerk correct ingewerkt zijn. Achteraf inwerken is niet ideaal.
Droogtijd
De droogtijd van een pleisterplafond is vergelijkbaar met die van muren: minimaal 4 weken bij standaarddikte en goede ventilatie.
Wanneer is een vals plafond een alternatief?
In sommige gevallen is een vals plafond in droogbouw een beter alternatief dan nat pleisterwerk. Dat is het geval wanneer:
- Leidingen of technische installaties verborgen moeten worden
- De plafondhoogte aangepast moet worden
- Er geen droogtijd beschikbaar is in de bouwplanning
- Akoestische isolatie gewenst is
Strivo voert zowel pleisterplafonds als valse plafonds in gipskarton uit. Een werfbezoek helpt bepalen welke aanpak het best past bij uw project.